Alla scoperta della Italia del Nord – Op ontdekking doorheen Noord-Italië

Ken je dat gevoel… ongeduld, halsreikend uitkijkend, snakkend bijna. Een verlangen dat slechts zachtjes aan gestelpt wordt! Het verlof is nakende, de planning is tot in detail voorbereid. Het is enkel nog aftellen tot de bewuste datum, het bewust uur zelfs, daar is!
Net zo voel ik me momenteel. Als een kleine jongen die op 5 december uitkijkt naar wat de sint te brengen heeft, als een puber die voor het eerst in zijn leven de liefde gaat bedrijven met zijn liefje…

Bestemming van dienst: een trektocht doorheen Noord-Italië. Van Verona tot Turijn, van Valpolicella tot Piëmonte. Niet in rechtstreekse lijn uiteraard, maar bochtig, bergachtig met de nodige stops . De contouren tekenen zich duidelijk af op papier, in mijn hoofd, in mijn dromen. De glazen bol is gepoetst! Rustige actie, op adem komen daar waar ik het liefst vertoef, tussen de wijngaarden. De aarde omwoelende met mijn eigen handen, ruikende aan die terroir.

Dit is slechts de voorbeschouwing van wat komen gaat. Het echte relaas van de feiten zal nadien, zij het in stukken en brokken, volgen. Italië aandoen zonder mijn Italiaanse aartsengel te raadplegen zou ‘a mistake to make’ zijn! En dus heb ik heel véél, dankbare, hulp gekregen…
Na de landing in Verona is het eerste werk het opzoeken van een getrouwe vierwieler die ons veilig doorheen het Noord-Italiaanse land moet brengen. Verona – Veneto – Soave – Valpolicella – Amarone – Gardameer. Met deze keywoorden fietst ik feilloos doorheen een opgave van ‘De slimste mens’. Eerste stop is trouwens in omgeving van Soave, bij Azienda Agricola Gini. Niet voor een frisdrank, neen dank u :-). Ik kijk er vooral naar  uit hun reciotto’s di Soave te proeven. Om de één of andere manier hou ik meer van een zoet gevinifieerde Garganega dan een klassiek droog gemaakte.
Nadien trekken we door richting Gardameer, midden Valpolicella land. Koffers afzetten, inchecken, verfrissen om het tweede bezoek van de dag aan te vatten. Bij Azienda Agricola Le Salette zijn het toch voornamelijk de Amarone wijnen die me doen watertanden. Al hebben ze er ook voortreffelijke Grappa.
Dag 2 in Veneto heeft slechts één wijnbezoek in het vooruitzicht. Tenuta San’t Antonio staat er op het programma. Ripasso, Amarone en Soave… noem maar op. In de late namiddag wat lanterfanten rondom het Gardameer…

Van het Lago di Garda naar het Lago di Caldaro (of Kalterer See) is het een kleine 150 km doortrekken. Echt geïnteresseerd om de ijsmummie (Ötzi) op te gaan zoeken ben ik echter niet. Neen Alto-Adige of Süd Tirol is voor mij de thuishaven van één der grootste rode Italiaanse druivenrassen; nl. Lagrein. Hier gaat dan ook meer dan een gezonde interesse naar uit. Niet enkel naar Lagrein trouwens want ook Pinot Nero en andere Franse edele rassen vinden hier hun mekka. Als het bij Kellerei St. Michael-Eppan uitkijken is naar hun Sanct Valentin gamma dan is het bij Cantina Nals Margreid reikhalzend uitkijken naar de Baron Salvadori range! Niet echter zonder voorbij te gaan aan hun gewone, nou ja…, crus. Enkele van de mooiste wijnen die ik laatste tijd heb mogen proeven komen van ginds. Het beloven alvast twee gastronomische dagen te worden.

Dag 6 schuiven we alweer een 200-tal kilometers op. Van de Italiaans-Oostenrijkse grens gaan we naar aanpalend Zwitsers (Ticino) land. We bevinden ons dan in Valtellina. Slechts één enkele reden doet me die bocht maken: Nino Negri! Magie hebben ze in de vingers als het erop aan komt te werken met de Nebbiolo. Magie die ik wens te ontdekken, te laven en te smaken… wees daar maar zeker van. De proeverij ginds ligt trouwens al vast: negen wijntjes waaronder twee verschillende jaargangen van de toch wel enorm hoogstaande Sfursat 5 Stelle. De 2 nachtjes zullen we doorbrengen in Sondrio. Het schijnt een leuk stadje te zijn.

Wanneer we denken de meest schilderachtige plaatsjes reeds ontdekt te hebben zouden we wel eens flink fout kunnen zijn. We zakken immers terug af, dieper Lombardia in, en gaan in een regelrechte rotvaart naar het Lago di Iseo, naar Franciacorta, naar Berlucchi. Hoewel de wijn er zeker met de nodige egards behandeld zal worden (zo wil ik absoluut de Berlucchi ’61 naast de Ca’ Del Bosco en  de Baron Pizzini proeven) zal het wondermooie Lago di Iseo vooral verkent worden. De eilandjes die zich in het meer bevinden moeten meer dan de moeite waard zijn. Overnachten (3 nachten) kunnen we trouwens doen in Berlucchi’s Relais Franciacorta.

Save the best for last? Dat is zelden een slechte raad geweest. De langste verplaatsing (240 km) is de laatste. Doel van het eindpunt…genieten van wat geweest is, en genieten van wat komen gaat in één van de meest tot verbeelding sprekende plaatsen op Italiaanse bodem: La Morra. Te midden tussen de Barolo en Barbaresco wijngaarden kunnen we verblijven in het guesthouse van Batasiolo. Lekker een paar Vespa’s huren en rondsnorren door dit schilderachtige landschap vol met schattige kleine dorpjes en vooral, overheerlijk gastronomische pleister… Naast de reeds genoemde Italiaanse grootmeesters voor wat wijn betreft treffen we hier ook de Dolcetto en Barbera, of de Arneis en Cortese of de Moscato en Brachetto... Wat dan gezegd van de heerlijke truffels!!
Liefst 4 nachten zullen we ons hier de gelukkigste der aarde voelen. Naast Beni di Batasiolo zullen we hier trouwens ook Osvaldo Barberis bezoeken. De bekende grote namen zullen we ginds wel eens tijdens de lunch of diner proeven.

Terug huiswaarts is een vaste factor in het reisgegeven… Moet je er spijt van hebben? Neen, want de ervaring die je meeneemt is vaak onbetaalbaar!

Italiaanse wijnavonden – deel 3

Voor wat het hoogtepunt, voor mij persoonlijk dan althans, van onze Italiaanse wijnavonden moest worden heb ik moeten wachten tot avond 3. Daar zat ik dan met een broek vol Italiaanse goesting te wachten tot het aanvangsuur. Trentino – Alto Adige, Friuli-Venezia-Giulia en Veneto zouden die avond de revue passeren. Met daarbij mijn absolute number one van de Italiaanse regio’s…Alto-Adige! Deze wijnen ontgoochelen me zelden, blinken uit in schitterende inheemse en vrijwel nergens anders voorkomende druivenrassen (Lagrein, Teroldego, Schiava,…) en zijn bovendien nog een keer meester in het gebruik van de internationale rassen. Ik mag er mijn Riesling-bek niet over breken of het sap stroomt uit alle hoeken van mijn mond ;-).

Niet enkel Alto-Adige en Trentino zijn overigens meer dan de moeite waard. Dat is eveneens zo met Friuli en vooral het Valpolicella land van Veneto. Uiteraard zou Amarone de monden vullen evenals zijn kleinere broer, de Valpolicella Ripasso.

Moeilijk…excuseer, aartsmoeilijk was het om een samenstelling te maken in de wijnen die ik vanavond zou laten proeven. Er was er al eentje meer dan gebruikelijk en dan nog stond ik steeds in dubio. Uiteindelijk besliste ik dan om niet voor de internationale rassen te kiezen bij de officiële proeverij, maar deze nadien als een soort ‘slaapmutsje’ te openen!

Dit was tenslotte de uiteindelijke keuze:

Gezien we in het Italiaanse bubbelland bij uitstek zitten was de opener een Prosecco. De net tot DOCG gepromoveerde Conegliano Valdobbiadene mocht de Conca d’Oro extra dry op tafel toveren. Geen verfijnde uitmuntend bubbelende schuimer maar wel met de oerdegelijkheid die je van een Prosecco mag verwachten. Methode Charmat never beats Methode classico…

Het witte festival werd gestart met Friulano van Tenuta Pinni (groen, mineraal maar wat laks aan zuren volgens de proevers). Vervolgens een ‘gast-fles’ van Russolo, de Muller-Thurgau Delle Venezie IGT was leuk om drinken, met de nodige spritzigheid en ‘snoepzuurtjes’. Mij deden ze in ieder geval aan zure beertjes denken :-). Soave mocht niet ontbreken natuurlijk. mijn keuze viel op de Monte Ceriani van Tenuta Sant’Antonio. Een voorbeeld aan opwaardering van de Soaves van de laatste jaren.

Schuimbekkend belandden we eindelijk aan de rode wijnen! Yes, Yes, Yes!
Al van bij de eerste wijn was het goed prijs… Alfieri Cantarutti mocht zijn uitschuiver van de eerste les goed maken. Hij deed dit met verve. De Refosco dal peduncolo Rosso uit de Colli Orientale del Friuli zette onmiddellijk de toon. Weinig of geen verval in deze wijn van het jaar 2000. Nog steeds zijn kracht, zijn correcte zuurtegraad en vooral zijn fruit.
Helaas moesten er koppen gesneuveld worden want de ‘Mijn kop eraf als dit geen Lagrein is’ was niet meer of niet minder dan een DOC Teroldego Rotaliano Riserva van Mezzacorona. Deze superleuke wijn kaapte dan ook meer dan terecht de prijs/kwaliteit oscar van de avond weg. Reeds 2004 maar nog geen spatje verval!
Van Tenuta Sant’Antonio kwamen er nog de Monte Garbi Valpolicella Ripasso en de Campo dei Gigli Amarone. De ripasso is wat mij betreft nog iets te jong maar een wijn met een enorm aan potentieel. Je proefde zijn kracht en concentratie. Koesteren dus voor de komende jaren. De Amarone had een hoge last te torsen. Zou hij beter scoren dan de Sforsato uit Valtellina die ons vorige week wezenloos van bewondering achterliet? Neen dus…unaniem trouwens. Was hij lekker, was hij goed? Ja verdomme, vast en zeker maar dat mocht ook wel voor 48€!!
Tussen deze 2 wijnen in had ik de Lagrein van Nals Margreid geplaatst, de Baron Salvadori Riserva wel te verstaan. Vervelend voor mezelf want ik kan gewoonweg nooit objectief blijven als ik het over deze wijn moet hebben. Ik verval onmiddellijk in allerhande superlatieven. Meer dan terecht overigens 🙂 Het is één van die typische wijnen die een oprechte glimlach op mijn gezicht kan brengen.

End of story…? Neen want tijdens en na de afterparty (een hapjes festival waarbij meestal de ‘kletskes’ eraan moeten en er al eens een ander flesje ontkurkt wordt) had ik nog een ‘beside-proeverij’ voorzien.
Startend met een andere gast-fles trouwens! Een enig mooie houtgerijpte Garganega van Gino Fasoli én bovendien van oude stokken gemaakt. Nadien een superlichte maar tevens superfruitige Schiava van Nals Margreid.
Omdat ik één van de gasten beloofde ze een echt fabuleuze witte wijn uit Italië te laten drinken, en ik steeds mijn beloftes probeer na te komen, een waaaaauw – waaaaauw – waaaaaaauw Riesling! De Montiggl van St.Michael – Eppan uit de Alto Adige en tot slot (eigenlijk niet) een enig mooie Cabernet Sauvignon ‘Capitel del Monte’ van Tenuta Sant’Antonio.

Wat was het weer een unieke en mooie avond!

Alla Prossima Volta!