Ik zou voor de rit van Alessandria naar Verbania, ondertussen al rit nummer 13, alweer op het puntje van mijn stoel gaan zitten. Niet omwille van het ritprofiel, want daarvoor lijkt deze rit op papier iets te vriendelijk, maar wel om de omgeving te aanschouwen. De Giro trekt opnieuw door een zeer mooi stuk Italië, anders weliswaar dan tijdens de voorgaande ritten, maar daarom niet minder aantrekkelijk. Dit keer eindigen we in Verbania, mondain en statig gelegen aan het Lago Maggiore.
Veel kans trouwens dat de rit op een sprint zal eindigen, tenzij het knobbeltje van derde categorie in de finale daar anders over denkt. Daarna gaat het razendsnel in dalende lijn richting aankomst.
Leuk wat mij betreft dat we dit deel van Piemonte aandoen. We blijven de volledige 189 kilometer binnen dezelfde regio cruisen en trekken bovendien door Alto Piemonte. Hier zijn immers heel wat verborgen pareltjes van wijngebieden te vinden. De keuze voor vandaag viel dan ook, na wat wikken en wegen, op Colline Novaresi DOC.
Colline Novaresi DOC
Met Colline Novaresi DOC schuiven we richting het noorden van Piëmonte, naar de provincie Novara, waar de wijngaarden verspreid liggen tussen de Sesia en de Ticino. Op de achtergrond houdt Monte Rosa een oogje in het zeil.
Dit is een boeiend overgangsgebied. Ten zuiden liggen de vlaktes rond Novara, met hun rijstvelden en brede open landschap. Meer naar het noorden nemen de heuvels het over en komt Alto Piemonte nadrukkelijker in beeld. Dat maakt de streek meteen anders dan het Piëmonte van Langhe, Roero of Monferrato.
De DOC werd in 1994 erkend en telt ongeveer 246 hectare wijngaarden. De gemiddelde productie wordt op 8.000 hectoliter geschat. Dat zijn geen cijfers waarmee je de wereldmarkt overspoelt, en dat hoeft voor Colline Novaresi waarschijnlijk ook niet.
Toch heeft dit deel van Piëmonte een veel langere wijngeschiedenis dan de bescheiden omvang vandaag doet vermoeden. Alto Piemonte was ooit een belangrijk wijngebied, met Nebbiolo als een van de grote hoofdrolspelers. Druifluis, oorlogen, industrialisatie en de trek naar de steden deden het areaal fors krimpen. Heel wat wijngaarden zijn later bijna vanaf nul opnieuw opgebouwd. Oude, verwaarloosde percelen die opnieuw tot leven kwamen.
De productiezone omvat een reeks gemeenten in de provincie Novara, waaronder Boca, Bogogno, Borgomanero, Briona, Cavaglio d’Agogna, Fara Novarese, Fontaneto d’Agogna, Ghemme, Maggiora, Sizzano en Suno. Kenners zien hier meteen bekendere namen tussen staan. Boca, Fara en Sizzano hebben hun eigen DOC. Ghemme gaat nog een stap verder en heeft een DOCG.
Nebbiolo speelt hier een belangrijke rol, al komen we in Alto Piemonte vaak de lokale naam Spanna tegen. Daarnaast zijn er Vespolina, Uva rara, Croatina en Barbera. Voor de witte wijnen is er Erbaluce. Daarmee krijg je automatisch veel diversiteit in je flessen.
Een mooie bijkomende troef van het gebied is de Cammino delle Colline Novaresi, een wandelroute die wijngaarden, dorpen, natuur en lokale geschiedenis met elkaar verbindt. Wie in de omgeving is, krijgt daarmee een mooie manier om deze streek ook buiten het glas te leren kennen.
Bodem en klimaat
Het landschap van Colline Novaresi DOC is zo’n beetje vis noch vlees. Het zit tussen vlakte, heuvel en berginvloed in. Zuidelijk liggen de vlaktes rond Novara en Vercelli, met hun rijstvelden en brede open ruimte. Naar het noorden toe loopt het landschap geleidelijk op en komen de Alpen steeds nadrukkelijker in beeld.
De wijngaarden moeten op heuvelachtige liggingen staan, tussen 180 en 550 meter hoogte. Vochtige gronden in de valleibodem zijn uitgesloten. We zitten dus niet in de natte, vlakke stukken onderaan, maar op hellingen waar water weg kan en de druiven voldoende zon krijgen.
Het wijngebied ligt tussen de rivieren Sesia en Ticino. De Sesia komt uit de richting van Monte Rosa, de Ticino heeft zijn oorsprong in de Alpen. Die rivieren tekenen het gebied af en geven het landschap structuur.
Algemeen vinden we hier kleiige, lemige en zandige bodems, vaak met een morenisch en alluviaal karakter. Lager op de heuvels bevatten de bodems doorgaans wat meer leem en klei. Hogerop kunnen ze iets losser en beter drainerend worden.
Het klimaat helpt om frisheid en aromatische spanning te bewaren. De zomers kunnen warm zijn, de winters behoorlijk koud, en de verschillen tussen dag en nacht spelen een belangrijke rol.
Rode wijnen
Rode wijn domineert hier en je vindt er voldoende diversiteit. De Colline Novaresi DOC rosso zou je de instap kunnen noemen, al klinkt dat misschien wat te oneerbiedig voor een wijn die minstens voor de helft uit Nebbiolo of Spanna moet bestaan. De rest mag worden aangevuld met andere toegelaten blauwe druiven zoals Barbera, Croatina, Vespolina of Uva rara.
Je krijgt dan meestal een wijn met een robijnrode kleur, een duidelijke aanwezigheid van rood fruit, soms wat viooltjes, kruiden en een aardse toets. Vergeet niet dat Nebbiolo hier minstens de helft van de wijn uitmaakt en de tannine dus vroeg of laat de kop zal opsteken.
De Colline Novaresi DOC Nebbiolo, of Spanna, staat een stap hoger op de kwaliteitsladder. Hier moet Nebbiolo minstens 85 procent van de wijn uitmaken. Wie Barolo of Barbaresco in het achterhoofd houdt, zal wel even moeten schakelen. De wijnen hier zijn, ondanks hun tannine, niet de krachtpatsers van de hoogste rang. Spanna zit vaak in een lichter kleurenspectrum, met aroma’s van rood fruit, roos, kruiden, soms wat thee, aarde en een subtiele toets van teer naarmate de wijn ouder wordt. De zuren spelen een grote rol en geven de wijn zijn lengte.
En dan gaan we naar het festival van andere druiven die ook op het etiket mogen worden vermeld, mits ze voldoen aan de nodige voorwaarden. Voor Colline Novaresi DOC Barbera moet de wijn minstens 85 procent Barbera bevatten. Dat levert doorgaans een sappiger, toegankelijker rood op, met kersenfruit, frisse zuren en een droge finale.
Croatina mag eveneens als aparte wijn verschijnen, opnieuw met minstens 85 procent van de druif. Dit is de wijn waar je wat meer kleur, ronding en stevigheid mag verwachten. Croatina kan een donkerder fruitprofiel geven, met braam, pruim, kruiden en een mildere mondindruk. In de DOC kan ze zowel droog als amabile voorkomen.
Vespolina is een druif die in deze omgeving wel vaker opduikt en er historisch aangeplant staat. Logisch dus dat er een Colline Novaresi Vespolina bestaat. Ook hier geldt minstens 85 procent. Vespolina heeft vaak iets peperigs en kruidigs, soms met een florale toets en rood fruit. Ze wordt vaak in assemblage gebruikt, maar solo kan ze verrassend origineel zijn.
Uva rara, ook Bonarda Novarese genoemd, vervolledigt het rijtje. De naam is wat misleidend, want rara betekent zeldzaam. In dit deel van Piemonte gaan rara en zeldzaam echter niet helemaal hand in hand. Het zou pas raar zijn mocht je hier niets over deze druif horen. Ook hier geldt de grens van minstens 85 procent. De stijl is doorgaans iets zachter, fruitiger en minder streng dan Nebbiolo. Denk aan rood fruit, frisse sappigheid en een wijn die zich makkelijker laat drinken.
Omdat je in de praktijk geregeld houtlagering tegenkomt, komt het mij wat vreemd over dat er geen verplichte rijpingsperiode wordt voorgeschreven. De producenten krijgen dus de volledige vrijheid wat rijping betreft.
Witte wijnen
Driewerf hoera, want hier treffen we een van de meest onderschatte witte druiven uit Italië: Erbaluce. Nog meer goed nieuws: Colline Novaresi DOC bianco moet verplicht als monocépage op de markt komen, dus 100 procent Erbaluce. Tussen de regels door kan je lezen dat ik mijn enthousiasme amper kan temperen. Dat enthousiasme is trouwens niet gespeeld, want je kan hier heerlijke witte wijnen vinden.
Deze wijn heeft doorgaans een strogele kleur, een eerder delicaat en fris aroma en een smaak waarin frisheid gecombineerd wordt met een zekere ziltigheid. Denk aan citrus, groene appel, witte bloemen, soms een vleugje amandel en een lichte minerale indruk. Erbaluce kan wat streng zijn wanneer ze te jong of te koel gemaakt wordt, maar in de juiste handen heeft ze veel charme.
Rosato
Ook de roséwijnen uit dit wijngebied kan ik liefhebbers aanraden. Fris, voldoende pittig en niet te lichtvoetig, met dus ook voldoende body. Colline Novaresi DOC rosato wordt gemaakt met minstens 50 procent Nebbiolo of Spanna. De rest mag worden aangevuld met andere toegelaten blauwe druiven uit Piemonte. In de praktijk kom je dan opnieuw uit bij druiven zoals Vespolina, Uva rara, Croatina en Barbera.
De kleur wordt meestal omschreven als rosa cerasuolo, dus eerder kersenroze. De geur gaat meestal richting rode bes, framboos, bloedsinaasappel, een florale toets en mogelijk wat fijne kruidigheid. In de mond verwacht je vooral frisheid, maar dus niet zonder karakter. Dat is net wat deze rosato boeiend maakt.

Filed under: oenologie | Tagged: Colline novaresi, croatina, doc, erbaluce, giro, Italian wine ambassador, nebbiolo, piemonte, uva rara, vespolina, wijn, wijnblog, wijnkennis, wineblog, wineblogger | Leave a comment »








