Zet je schrap voor een wijnverhaal dat letterlijk vonkt. We nemen je mee naar de ruige, betoverende flanken van de Etna, Europa’s meest actieve vulkaan, waar lava, as en druiven al eeuwenlang samen een intens verhaal schrijven. Hier, tussen de gestolde lavavelden en terrassen die als trappen naar de hemel lijken te leiden, vind je een druif met evenveel karakter als het landschap waarin hij groeit: Nerello Mascalese.
Dit is geen wijn die zich zomaar prijsgeeft. Geen makkelijke doordrinker of internationale allemansvriend. Nerello Mascalese is complex, koppig en uitgesproken. Eeuwenlang bleef hij een goed bewaard geheim van Siciliaanse wijnboeren. Zijn naam klonk bekend in de dorpen aan de voet van de vulkaan, maar ver daarbuiten was hij zelden onderwerp van gesprek. Tot recent. Want stilaan begint de wereld te beseffen wat voor karakter hier uit het glas stroomt. Nerello Mascalese is opgestaan. Van lokale legende tot nieuw ankerpunt voor liefhebbers van terroirgedreven elegantie. En laten we eerlijk zijn: dat werd tijd.
Roots van rots en rook
Nerello Mascalese is zonder twijfel een van de meest karaktervolle druiven van oostelijk Sicilië, met als kloppend hart de flanken van de Etna. Zijn naam verwijst naar de Mascali-vlakte bij Catania, waar hij vermoedelijk al eeuwen aanwezig is in de wijngaarden. In de volksmond draagt hij namen als Niureddu of Nireddu. Soms wordt hij nog wel eens verward met Pignatello nero, maar dat is een vergissing die zijn unieke identiteit tekortdoet. Nerello Mascalese is een druif met een duidelijke eigen stempel, gevormd door het vulkanisch terroir waarop hij groeit.
Jarenlang bleef zijn potentieel grotendeels onder de radar, zeker buiten Sicilië. Maar sinds het begin van deze eeuw is er een duidelijke kentering. Nieuwe generaties wijnmakers, vaak met moderne technieken en internationale ambities, investeerden volop in wijngaarden rond de Etna. Die kwaliteitsimpuls binnen de Etna DOC heeft ervoor gezorgd dat Nerello Mascalese vandaag de dag een sleutelrol speelt in de heropleving van Siciliaanse kwaliteitswijn.
De exacte afkomst van de druif is niet met zekerheid vastgelegd, maar genetisch onderzoek wijst op een mogelijke spontane kruising tussen Sangiovese en Mantonico Bianco. Wat wel zeker is, is dat Nerello Mascalese in de loop der eeuwen een brede genetische diversiteit heeft ontwikkeld. Het grote aantal biotypen maakt hem moeilijk te categoriseren, wat meteen verklaart waarom hij zich zo sterk laat beïnvloeden door terroir en microklimaat.
In 1970 werd de druif officieel erkend binnen de Italiaanse wijnwetgeving. Toen stond hij nog op meer dan 14.000 hectare aangeplant. Sindsdien is dat areaal gestaag afgenomen tot net onder de 3.000 hectare, mede door veranderende wijnbouwtrends en de moeilijke omstandigheden waarin hij gedijt. Toch geldt vandaag meer dan ooit: wat overblijft is geen massaproductie, maar puur kwaliteitsmateriaal. Stokken op hoogte, in moeilijke omstandigheden, met lage opbrengsten en hoge expressie. Geen volume, wel persoonlijkheid.
Nerello Mascalese is geen druif die zich makkelijk laat sturen. Hij stelt eisen aan zijn omgeving en zijn wijnmaker. Maar wie met geduld en respect werkt, krijgt er een wijn voor terug die een precieze afdruk is van zijn plek en zijn geschiedenis. Een druif die tegelijk de ruigheid van lavasteen en de subtiliteit van een oude ziel in zich draagt.
Ampelografie voor gevorderden (of wijnnerds)
De wijnstok van Nerello Mascalese straalt kracht en vitaliteit uit. Hij groeit robuust en gedijt het beste in moeilijke omstandigheden, wat goed past bij zijn natuurlijke habitat op de flanken van de Etna. De trossen zijn groot, langgerekt en conisch van vorm, soms met kleine vleugels. De bessen zijn middelgroot tot langwerpig, met een opvallende blauwgrijze kleur. De schil is dik, stevig en bedekt met een uitgesproken waslaag, wat hem goed beschermt tegen uitdroging maar tegelijk ook zijn aromatische intensiteit bewaart.
De bladeren zijn pentagonaal en trilobaat, met soms twee extra, licht ontwikkelde lobben. De bovenkant van het blad is matgroen en licht golvend, terwijl de onderzijde een kenmerkend behaard, fluweelachtig oppervlak heeft. In de herfst krijgt het loof een geelgroene kleur met rode schakeringen, wat extra visuele flair geeft aan de wijngaard.
In de traditionele Siciliaanse wijnbouw wordt Nerello Mascalese vaak geleid volgens het alberello-systeem. Deze lage struikvorm is uitermate geschikt voor de steile, stenige hellingen en de intense zon die kenmerkend zijn voor het vulkanische landschap. De combinatie van hoogte, arme lavagrond en goede ventilatie zorgt ervoor dat de druif zich volledig kan uitdrukken, mits hij met zorg wordt behandeld.
Fenologisch gezien is Nerello Mascalese een laatrijpende variëteit. Het ontluiken van de knoppen begint al vroeg in het voorjaar, meestal rond de tweede helft van maart. De rijping van de druiven voltrekt zich langzaam, met oogstmomenten die doorgaans tussen eind september en de eerste helft van oktober vallen. Op grotere hoogten kan die rijping extra tijd vragen, wat het risico op onrijpe of onregelmatig ontwikkelde bessen verhoogt, vooral in koelere jaren.
De plant biedt redelijke weerstand tegen ziektes en parasieten in het algemeen, maar blijft gevoelig voor oidium en botrytis, vooral in hoger gelegen wijngaarden waar het microklimaat grilliger is. Bij instabiel weer kan onvolledige ontwikkeling van de bessen optreden, waarbij sommige druiven in de tros klein en roodgroen blijven. Dit komt vooral voor boven de duizend meter hoogte.
Toch ligt precies in die moeilijkheid de charme. In optimale omstandigheden, met een lage opbrengst en de juiste balans tussen bladgroei en rijping, levert Nerello Mascalese wijnen met een ongeziene precisie en diepgang. Een waar uithangbord van zijn terroir, met een opmerkelijk vermogen om bodemstructuur, hoogte en jaargang te weerspiegelen in geur en smaak.
Van lavabodem naar Bourgondische elegantie
Nerello Mascalese is geen wijn die je gedachteloos inschenkt. Hij nodigt uit tot stilstaan, tot ruiken, proeven en herproeven. Deze druif wil ademen, maar vooral ook vertellen met overtuiging en detail. Zijn finesse, zijn lichtvoetigheid en zijn transparantie maken dat hij vaak wordt vergeleken met Pinot Noir. Niet omdat hij hetzelfde smaakt, maar omdat hij hetzelfde kan: zijn terroir verklanken, zijn maker weerspiegelen, en het ritme van het wijnjaar voelbaar maken in elke slok. Hij is de Bourgogne van het zuiden, maar dan met lava onder zijn voeten.
Wie een glas Nerello Mascalese inschenkt, ziet doorgaans een lichte tot medium robijnrode kleur. De wijn oogt delicaat, maar wat volgt is allesbehalve vlak. In de neus openbaart zich een gelaagd boeket van rode kers, granaatappel, kruiden als rozemarijn en tijm, maar ook tabak, cederhout en bij rijpere exemplaren zelfs florale tonen zoals viooltjes of gedroogde rozenblaadjes. Soms zweemt er iets rokerigs of aards doorheen, een echo van de vulkanische oorsprong van de druif.
In de mond toont hij zich slank maar gespierd, met frisse zuren die voor levendigheid zorgen en fijnkorrelige tannine die structuur bieden zonder te domineren. Wat veel proevers opvalt is de opmerkelijke mineraliteit, een ziltige of steenachtige ondertoon die rechtstreeks lijkt voort te komen uit de lavabodem waarin de stokken geworteld zijn. Die spanning tussen luchtigheid en diepte, tussen elegantie en energie, maakt hem zo bijzonder.
Veel wijnen op basis van Nerello Mascalese winnen aan diepte met enkele jaren flesrijping, waarin de scherpe kantjes verzachten en tertiaire aroma’s naar voren komen. Houtgebruik varieert sterk tussen producenten, van strakke inox-vinificatie tot rijping op grote Slavonische vaten of neutrale barriques. Het resultaat blijft telkens trouw aan zijn essentie: een wijn met helderheid, lengte en een zekere ingetogen kracht.
Wie hem leert kennen, ontdekt een druif die niet mikt op effectbejag, maar op gelaagde expressie. Een wijn die boeit zonder te vermoeien, die verrast zonder te overrompelen. Intens, maar nooit zwaar. Serieus, maar nooit saai.
De blends, de DOC’s en de toppers
Binnen de Etna Rosso DOC is Nerello Mascalese zonder twijfel de hoofdrolspeler. Hij vormt er het overgrote deel van de blend, vaak tot tachtig procent of meer, aangevuld met een kleinere hoeveelheid Nerello Cappuccio. Die laatste zorgt voor extra kleur, iets rondere tannine en een tikje fruitige charme. Mascalese daarentegen levert de ruggengraat, de structuur en het karakter. Waar Cappuccio soepelheid brengt, geeft Mascalese richting en diepte. Samen vormen ze een complementair duo, maar het is duidelijk wie de hoofdtoon zet.
Opvallend is dat steeds meer wijnmakers bewust kiezen voor wijnen die volledig op Nerello Mascalese zijn gebaseerd. Er is een duidelijke trend richting monocepagewijnen, waarin het pure karakter van de druif ten volle wordt uitgedrukt. Deze beweging past binnen een bredere herwaardering van terroir en authenticiteit, en biedt wijnliefhebbers de kans om de gelaagdheid, elegantie en minerale diepte van Mascalese in zijn meest onversneden vorm te ervaren.
Hoewel de Etna het epicentrum blijft, duikt Nerello Mascalese ook elders in Sicilië op. In de Faro DOC, in het noordoosten van het eiland, maakt hij deel uit van een complexe blend met lokale variëteiten zoals Nocera. In Marsala is hij toegestaan binnen de DOC, al komt hij daar minder prominent voor. Buiten Sicilië vinden we hem ook in Calabrië, onder meer in de Lamezia DOC, waar hij op kleinere schaal wordt verbouwd.
Wat Nerello Mascalese zo bijzonder maakt, is zijn vermogen om zich aan te passen aan het terroir zonder zijn identiteit te verliezen. Wijnen van lagere hellingen en jongere stokken zijn vaak lichtvoetig en aromatisch, met levendige zuren en fris rood fruit. Naarmate de aanplant hoger ligt, of de stokken ouder zijn, neemt de complexiteit toe. Dan verschijnen er tonen van kruiden, rook, grafiet en aarde, met een diepere structuur en meer concentratie. Elke wijngaard spreekt zijn eigen taal, maar de druif vertaalt telkens met heldere precisie.
Er is een groeiende groep producenten die zich ten volle toewijdt aan het potentieel van Nerello Mascalese en hem internationaal op de kaart hebben gezet. Naast de vaak genoemde referenties zoals Benanti, Tenuta delle Terre Nere, Passopisciaro, Graci en Salvo Foti, zijn ook wijnhuizen als Frank Cornelissen, Girolamo Russo, Pietradolce, Tascante en Carranco relevante namen binnen het Etna-spectrum. Ieder met hun eigen interpretatie van de vulkaan, van natuurlijk en ongefilterd tot precies en klassiek.
Waarom jij deze wijn moet proberen
Voor liefhebbers van karaktervolle wijnen die spanning combineren met finesse is Nerello Mascalese een ontdekking die je niet mag missen. Dit is geen wijn die zich makkelijk laat samenvatten. Hij spreekt met subtiele kracht, met een zekere ingetogen intensiteit, en nodigt uit om aandachtig te proeven. In elke slok voel je het contrast tussen het ruwe landschap waar hij groeit en de verfijning waarmee hij zich in het glas toont.
Proeven is hier meer dan smaak. Het is een ervaring. Je waant je op een lavaterras, met uitzicht over de valleien van de Etna, rookpluimen die loom aan de horizon hangen, en de geur van warme aarde en kruiden in de lucht. Wat je drinkt is niet zomaar wijn, maar een directe afdruk van plaats, klimaat en geschiedenis.
Nerello Mascalese is bovendien verrassend veelzijdig aan tafel. Zijn frisse zuren en minerale structuur maken hem een dankbare begeleider van uiteenlopende gerechten. Denk aan gegrilde aubergine met olijfolie en knoflook, een smeuïge ossobuco, geroosterde lamskoteletjes of een Siciliaanse klassieker als caponata met zoetzure groentetoetsen. Hij voelt zich ook thuis bij gerechten met paddestoelen, harde kazen of zelfs bij tonijn van de grill.
Maar soms vraagt hij om geen gezelschap, behalve dat van een groot glas en een moment van rust. Dan volstaat hij op zichzelf. Geen eten, geen gesprek. Enkel jij, de wijn, en een stille gedachte aan de vulkanische helling die zijn karakter vormt.

Filed under: Uva Italia | Tagged: etna, italian grapes, Italian wine ambassador, nerello, nerello mascalese, Sangiovese, Sicilia, Uva Italia, wijn, wijnkennis | Leave a comment »





