Boca en Bramaterra: de comeback van twee kleine DOC’s

Net zoals bij Lessona lagen de verwachtingen voor Boca en Bramaterra bij ondergetekende bijzonder hoog. Mijn eigen proefervaringen speelden daarbij mee, net als de vele positieve commentaren die mijn wijnvrienden de afgelopen paar jaar hadden meegegeven.

Boca was trouwens onze eerste stop. Correctie: onze tweede, want we waren ’s morgens vroeg vertrokken richting Carema om ons vandaaruit echt in Alto Piemonte te nestelen. De eerste indrukken waren zeer positief. Een klein centrum weliswaar, maar verzorgd en duidelijk in het teken van de wijn. Al gauw zaten we op de juiste weg en reden we midden tussen de wijngaarden. Hier moesten we dus zijn!

De schaal heb je wel vlug door: zowel Boca als Bramaterra zijn kleine appellaties en inhoudelijk bijzonder interessant. Net als Gattinara en Ghemme liggen ook deze twee appellaties aan weerszijden van de ‘droogstaande’ Sesia. En dat levert wel degelijk twee verschillende wijnen op. Boca ligt hoger en koeler en focust sterker op Spanna. Bramaterra is uitgestrekter, kent een ander bodemprofiel en ook een licht ander klimaat.

Het was trouwens middag toen we arriveerden en mijn hangry vrouw, Rosy, had al lang een doelwit uitgekozen om te lunchen. Ik kon niet wachten om die lunch in te zetten met een lokale wijn. Het zou trouwens doodzonde zijn dit restaurant verborgen te houden. Osteria Ori Pari Bistrot kan ik iedereen blindelings aanbevelen. Het was misschien wel een van de beste ontdekkingen tijdens heel onze Piemontereis. Ik zou graag de link naar hun restaurant toevoegen, maar die zal je naar Facebook leiden. Doe ik dan liever niet.

Van porfier tot bodemmozaïek

Boca ligt ten noordoosten van Gattinara, rond het dorp Boca en delen van Maggiora, Cavallirio, Prato Sesia en Grignasco. De wijngaarden bevinden zich op heuvels vanaf ongeveer 300 meter en kunnen oplopen tot 500 à 600 meter. Daarmee behoort Boca tot de hoger gelegen wijngebieden van Alto Piemonte. De producenten vertellen ons graag over de vele bossen die we er vandaag treffen. Volgens hen zou dit vroeger grotendeels één aaneengesloten wijngaardgebied geweest zijn.

We kunnen er ons qua bodemgesteldheid gemakkelijk vanaf maken en zeggen dat deze uit vulkanisch porfier bestaat. Maar dat zou niet helemaal correct zijn! Porfier speelt er een belangrijke rol, samen met verweerd vulkanisch materiaal. Daarnaast komen zand, klei en moreneafzettingen met onder meer graniet en ander gesteente voor. Zelfs binnen de kleine appellatie verschillen ligging en expositie behoorlijk. De hoogte en de koele lucht zorgen voor uitgesproken verschillen tussen dag en nacht, waardoor Nebbiolo hier langzaam kan rijpen en zijn zuren goed bewaart.

Ook binnen zo’n kleine appellatie duiken enkele wijngaardnamen geregeld op. Mottosergo, Meridiana, Valvecchi en Traversagna behoren tot de locaties die als bijzonder geschikt worden beschouwd. Montalbano is dan weer interessant vanwege zijn oude wijngaarden die volgens het traditionele Maggiorina systeem zijn aangelegd, met stokken die deels meer dan honderd jaar oud zijn. Ook Vigna Cristiana behoort tot de historische wijngaarden van Boca.

Om door te rijden naar Bramaterra moet je westelijker gaan. Maak je dezelfde fout als ik en geef je Bramaterra in je gps in, dan zal je geen reactie krijgen. Bramaterra is immers geen dorp, maar de naam van een wijngebied dat zeven gemeenten omvat: Masserano, Brusnengo, Curino, Roasio, Villa del Bosco, Sostegno en Lozzolo. De appellatie bestrijkt daardoor een veel ruimer en geologisch minder uniform gebied.

Die verschillen zijn binnen Bramaterra dan ook duidelijk zichtbaar. Rond Masserano vinden we rotsachtige, ijzerrijke porfierbodems. Brusnengo is warmer en wordt beschouwd als een interessante plaats voor Croatina. Villa del Bosco heeft donkerdere bodems met onder meer kwarts, terwijl Lozzolo geologisch dichter aansluit bij Gattinara. Bramaterra laat zich daardoor moeilijk vastpinnen op één exact bodemprofiel. Het gemeenschappelijke vertrekpunt bestaat uit oude, zure bodems waarin porfier sterk aanwezig is.

Waar Boca enkele uitgesproken single vineyards kent, ligt dat in Bramaterra minder voor de hand. Toch bouwen bepaalde locaties steeds duidelijker een eigen reputatie op. In Masserano duiken vooral Cottignano en Pian di Peu op, terwijl in Brusnengo Cavazucchi op de heuvel Mesola en het historische Robino interessante referentiepunten zijn.

Spanna krijgt wat meer gezelschap

Boca kreeg zijn DOC in 1969. Nebbiolo, hier uiteraard Spanna genoemd, moet 70 tot 90 procent van de assemblage uitmaken. De resterende 10 tot 30 procent bestaat uit Vespolina en Uva Rara, afzonderlijk of samen. Croatina komt wel voor in het gebied, maar maakt geen deel uit van de toegelaten assemblage voor Boca DOC.

We hebben een gewone Boca en een Boca Riserva. De klassieke Boca moet minstens 34 maanden rijpen, waarvan 18 maanden op hout. Voor Boca Riserva loopt dat op tot 46 maanden, waarvan minstens 24 maanden op hout. Die lange rijping is echt wel noodzakelijk voor deze wijnen die van nature veel zuren en voldoende tannine bezitten om verder te ontwikkelen op fles.

Tien jaar later, in 1979, volgde de Bramaterra DOC. Mocht je bij een Boca al tot 30 procent met andere druiven dan Spanna werken, dan gaat Bramaterra nog wat verder, tot de helft van de assemblage. Het is te zeggen, dat kan en is helemaal niet verplicht. Om correct te zijn moet Nebbiolo hier slechts 50 tot 80 procent van de wijn uitmaken. Croatina mag tot 30 procent worden gebruikt, terwijl Uva Rara en Vespolina samen maximaal 20 procent mogen vertegenwoordigen. Het aandeel Croatina is dus wel wezenlijk anders dan in de appellaties die we tot op heden hebben besproken.

De gewone Bramaterra moet minstens 22 maanden rijpen, waarvan 18 maanden op hout. Voor een Riserva bedraagt dat 34 maanden, met minstens 24 maanden houtrijping. De minimumrijping is dus korter dan in Boca, al kiezen verschillende producenten in de praktijk voor een langere opvoeding.

Uiteenlopende smaken!

Zowel Boca als Bramaterra krijgen dus meer speelruimte om een assemblagewijn te maken. Het is dan ook logisch dat de wijnen van deze twee appellaties behoorlijk uiteenlopende eigenschappen in het glas kunnen tonen.

De reputatie van Boca is de afgelopen jaren duidelijk gestegen en de wijnen behoren ondertussen tot de meest uitgesproken van Alto Piemonte. De kleur blijft vrij transparant, zoals we van Nebbiolo verwachten, maar de geur kan bijzonder complex zijn. Rood bosfruit, viooltjes, kruiden en citrus komen regelmatig terug. Vooral bloedsinaasappel wordt opvallend vaak opgemerkt. Met flesrijping verschijnen meer aardse tonen, tabak en gedroogde kruiden.

In de mond vallen vooral de levendige zuren op. De tannine kan jong duidelijk aanwezig zijn, maar blijft meestal zeer fijn van structuur. De hogere ligging en het relatief koele klimaat geven Boca een strakke smaaklijn. Goede Boca heeft voldoende concentratie, maar behoudt door zijn hoge zuren en fijne tannine altijd veel spanning en frisheid.

Bramaterra is minder gemakkelijk onder één smaakprofiel te vatten. Daarvoor verschillen de zeven gemeenten en hun bodems te sterk. Bij het proeven keren enkele kenmerken toch regelmatig terug. Rode bessen, donkere kersen, kruiden en peper worden gecombineerd met aardse en soms licht rokerige toetsen. Bij sommige wijnen komen daar uitgesproken minerale en vlezige toetsen bij.

De grotere rol van Croatina geeft Bramaterra vaak iets meer kleur en een bredere smaak dan Boca. De zuren blijven duidelijk aanwezig en zorgen ervoor dat de wijn zijn frisheid behoudt. Ook deze wijnen kunnen jong al interessant zijn en tegelijk zonder problemen verder rijpen.

Overlevers!

Dat zowel Boca als Bramaterra overlevers zijn, is nog zacht uitgedrukt! Boca kwam echt wel bijzonder dicht bij volledige verdwijning. In de negentiende eeuw stonden hier duizenden hectares wijngaard. Tegen het begin van de jaren negentig bleven nog amper ongeveer tien hectare over.

Ondertussen is het tij duidelijk gekeerd. Boca telt vandaag ongeveer 27 hectare wijngaard. En het is volgens de lokale geluiden nog groeiende. Ook het aantal actieve producenten is opnieuw gegroeid, al blijft het vandaag om slechts een handvol domeinen gaan.

Een beslissende rol in de heropbouw van Boca was weggelegd voor Christoph Künzli. De Zwitserse wijnhandelaar leerde Boca eind jaren tachtig kennen en proefde oude wijnen van Antonio Cerri, een van de laatste producenten in het gebied. Van Antonio Cerri nam hij diens kleine wijngaard, kelder en oude voorraden over. Daarna volgde jarenlang het samenbrengen van kleine percelen. Voor de uitbouw van Le Piane waren uiteindelijk tientallen afzonderlijke grondaankopen nodig.

Le Piane groeide zo uit tot het referentiedomein van Boca. De Boca van Le Piane wordt hoofdzakelijk uit Nebbiolo en Vespolina samengesteld en rijpt jarenlang in grote houten vaten. Künzli werkt daarnaast nog met oude wijnstokken en met percelen waar de historische Maggiorina snoeiwijze bewaard bleef. Podere ai Valloni vormt een andere belangrijke historische naam. Hun Vigna Cristiana was in 1970 de eerste officieel geregistreerde wijngaard van de appellatie.

Bij Bramaterra was de terugval misschien niet zo drastisch als bij Boca, maar ook deze appellatie ontsnapte niet aan de enorme achteruitgang die Alto Piemonte in de twintigste eeuw trof. Vandaag spreken we opnieuw over ongeveer 60 hectare, wat relatief groot is voor een appellatie in Alto Piemonte, maar nog altijd slechts een fractie van wat het ooit was. De echte wederopbouw is trouwens vrij recent, want in 2017 stond nog maar ongeveer 25 hectare wijngaard geregistreerd.

Net als in Boca is er ook in Bramaterra een belangrijke rol weggelegd voor een van de voortrekkers van deze heropleving. In dit geval Cristiano Garella. Hij was nog bijzonder jong toen hij in het gebied begon en werd later betrokken bij zowel Colombera & Garella als Le Pianelle. Bij Colombera & Garella werkt hij samen met Giacomo Colombera, wiens familie al druiven in Bramaterra bezat.

Le Pianelle ontstond vanaf 2004 toen Dieter Heuskel samen met Peter Dipoli grond begon te kopen in Bramaterra. Garella sloot later als partner aan. Oude, verwilderde wijngaarden werden hersteld en opnieuw in productie gebracht.

Het respect voor deze overlevers wordt alleen maar groter eens je de wijnen in het glas hebt gehad!

Reeds verschenen in deze reeks:

  1. Alto Piemonte op zondag: oude wijngaarden, nieuwe aandacht
  2. Alto Piemonte op zondag: vulkanen, Alpen en oude bodems
  3. Alto Piemonte op zondag: de lange weg terug
  4. Alto Piemonte op zondag: Spanna and friends
  5. Alto Piemonte op zondag: Gattinara DOCG
  6. Alto Piemonte op zondag: Ghemme, Spanna op klei en keien
  7. Alto Piemonte op zondag: Lessona en een oude zeebodem

Geef een reactie

Ontdek meer van Bottle Case

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder