Durella, van schaduwrol naar eigen stijl

Stel je het landschap van oostelijk Verona voor, zoals het er zo’n 50 miljoen jaar geleden uitzag. Waar nu heuvels, weiden en wijngaarden liggen, bevond zich toen een ondiepe zee met warm, tropisch water. Rond die zee groeide een weelderige vegetatie en leefde een fauna die intussen al lang verdwenen is. Af en toe werd dat rustige landschap verstoord door vulkanische activiteit onder water.

Vandaag is dat landschap uiteraard verdwenen, maar het verleden ervan werkt nog altijd door in de streek. De zee heeft plaatsgemaakt voor heuvels en landbouwgronden, en de vulkanische activiteit is al lang tot rust gekomen. Wat bleef, is een gebied met een bijzondere geologische opbouw en een opvallende rijkdom aan fossielen.

In die omgeving groeit Durella. Het is een authentiek en opvallend ras uit het grensgebied van Verona en Vicenza. De druif staat niet bekend om uitbundige aromatiek of een zacht profiel, maar om frisheid, spanning en een uitgesproken zuurstructuur.

De populariteit van Durella is de voorbije jaren duidelijk toegenomen. Als ik alleen al naar mezelf kijk, dan moet ik toegeven dat ik enkele jaren geleden heel bewust op zoek ben gegaan naar de wijnen, en vooral de bubbels, die deze druif kan voortbrengen. En ik ben daarin zeker niet de enige. Durella heeft stilaan heel wat wijnliefhebbers nieuwsgierig gemaakt.

Opmerkelijk misschien, want Durella is allesbehalve een recente ontdekking. Het gaat om een oud, inheems ras met een duidelijke eigen identiteit en een lange band met de Lessinische heuvels. Lange tijd stond de druif vooral in de schaduw van eenvoudiger mousserende wijnen in Martinotti stijl. Vandaag lijkt voor Durella een nieuwe fase aangebroken: die frisse, fruitige stijl blijft bestaan, maar daarnaast ontwikkelt Durella zich steeds nadrukkelijker in de richting van complexere metodo classico wijnen.

Geschiedenis en naamgeving

Durella is een oud ras dat al eeuwen voorkomt in het oosten van Veneto. Op basis van historische verwijzingen wordt aangenomen dat ze mogelijk verband houdt met de Uva Durasena, die al in 1292 vermeld werd in de statuten van Costozza, in de Colli Berici. Helemaal sluitend is die identificatie niet, maar ze wijst wel op een zeer oude aanwezigheid van dit type druif in de regio.

Een eerste meer zekere vermelding van het ras zelf duikt op in 1825, in het werk van Giuseppe Acerbi over Italiaanse druiven. Daarmee krijgt Durella een duidelijke plaats in de geschreven wijnhistorie.

De officiële naam is Durella Bianca, maar op het etiket verschijnt ze zowel als Durella als Durello. In essentie gaat het om dezelfde druif. Durella verwijst in de eerste plaats naar de druif zelf, terwijl Durello vaker opduikt in de benaming van de wijn. Het verschil is dus vooral een kwestie van gebruik en taal, niet van een ander ras. De naam zelf verwijst naar iets hards of stevigs, een duidelijke verwijzing naar de dikke en taaie schil van de bes, een van de meest kenmerkende eigenschappen van deze druif.

Daarnaast circuleren lokaal nog andere benamingen. In de heuvels van Asolo werd ze ook Rabiosa of Rabbiosa genoemd. In een hoger gelegen deel van de heuvels ten westen van Schio, in de provincie Vicenza, dook ook de naam Cagnina op. Die benaming mag niet verward worden met de blauwe Cagnina uit de vlakte van Ravenna, want het gaat hier wel degelijk om een witte druif. Mogelijk houdt die lokale naam verband met het nog strengere en zuurdere karakter dat de wijn op grotere hoogte kon aannemen.

Ook de bekendere druif Nosiola uit Trentino werd ooit als synoniem van Durello vermeld. Later onderzoek heeft die koppeling echter niet bevestigd. Verwarring met andere rassen, zoals een vroegere Rabiosa bianca uit de zone van Raboso Piave, werd evenmin bevestigd.

Rond Durella ontstonden in de loop van de tijd ook allerlei verhalen en overtuigingen. Zo werden de druif en haar wijn vroeger in verband gebracht met een geneeskrachtige werking, onder meer door de hoge natuurlijke zuren en het vitamine C-gehalte. Er deden zelfs verhalen de ronde dat de wijn werd ingezet tegen scheurbuik en ooit via apotheken werd verkocht. Zulke anekdotes verdienen enige nuance, maar ze tonen wel hoe sterk Durella deel uitmaakte van de lokale cultuur.

Herkomst en terroir

Het kerngebied van Durella ligt in het Lessini gebergte, op de grens van Verona en Vicenza. In dit heuvelachtige landschap, op de overgang van de Povlakte naar hoger reliëf, vindt de druif de omstandigheden waarin ze het duidelijkst tot haar recht komt. Wijngaarden liggen hier vaak tussen 400 en 600 meter hoogte, waar koelere omstandigheden en een tragere rijping helpen om de natuurlijke frisheid en strakke stijl van de wijn te behouden.

De bodems zijn hier vulkanisch van oorsprong, vaak donker van kleur en op sommige plaatsen vermengd met mariene sedimenten. In delen van de streek werden ook fossiele resten van vissen en schelpdieren gevonden, een tastbare herinnering aan een ver verleden waarin dit gebied er volledig anders uitzag. Die geologische gelaagdheid geeft het gebied een uitgesproken eigenheid en werkt mee door in het karakter van de wijnen op basis van Durella. Ook het landschap draagt daartoe bij, met wijngaarden die vaak tussen bosranden, hellingen en andere vegetatie liggen.

Waar vinden we Durella vandaag?

Veel wijnliefhebbers hebben wellicht nog nooit van Durella gehoord, en dat is niet onlogisch. Het is nooit een druif van grote volumes geweest. Meer nog, het areaal is in de loop van de voorbije decennia duidelijk teruggelopen. Waar bij de opname in het nationale register nog sprake was van 1.080 hectare, wordt vandaag meestal uitgegaan van ongeveer 430 tot 450 hectare.

Tegelijk is het interessant om te kijken welke richting de toekomst uitgaat. De hernieuwde belangstelling voor Durella, en vooral voor de meer ambitieuze mousserende wijnen die ze kan voortbrengen, zou op termijn opnieuw tot extra aanplant kunnen leiden. Zeker nu mousserende wijn ook bij jongere Italiaanse consumenten aan populariteit blijft winnen, valt dat scenario niet uit te sluiten.

Wie Durella in het glas wil ontdekken, komt in de eerste plaats uit bij Lessini Durello DOC en Monti Lessini DOC. Lessini Durello verwijst naar schuimwijnen volgens de metodo Martinotti, terwijl Monti Lessini de benaming is voor schuimwijnen volgens de metodo classico.

Daarnaast blijft de druif ook aanwezig binnen bredere IGT benamingen zoals Veneto, Verona of Veronese, en Trevenezie. Daar duikt ze vooral op in droge, stille wijnen, meestal als blendpartner en slechts zelden als monocépage wijn.
Buiten Veneto komt Durella zelden voor, en ook buiten Italië is er vandaag geen noemenswaardige verspreiding van de druif.

Ampelografie

Durella heeft in de wijngaard een duidelijk herkenbaar profiel. De wijnstok is krachtig en robuust. De scheuttop is behaard en de jonge blaadjes tonen groene tot goudachtige tinten. De volwassen bladeren zijn middelgroot, meestal licht drielobbig of soms bijna gaaf, met een open V-vormige bladsteelinsnijding. Aan de onderzijde is het blad kaal, terwijl het in de herfst geel verkleurt.

De tros is klein tot middelgroot, kort en gedrongen, vaak met een vleugel. De bessen zijn middelgroot en ovaal. Hun schil is geelgroen tot goudkleurig, duidelijk bedekt met een waslaag, dik en taai. Net die stevige schil is een van de meest kenmerkende eigenschappen van de druif. Ook het vruchtvlees is vrij eenvoudig van smaak, maar duidelijk zuur.

Durella is bovendien een laat ras in al zijn facetten. Ze loopt laat uit, ook de verkleuring komt laat op gang, en de oogst valt meestal in de tweede helft van september of begin oktober. De groeikracht is groot en de productie wordt als constant en overvloedig omschreven. Opvallend is dat de druif haar zuren goed weet te behouden, ook wanneer ze langer aan de stok blijft hangen. In natte voorjaren kan er wel gevoeligheid zijn voor coulure.

We hebben al verschillende keren aangegeven dat Durella wijnen voortbrengt met een hoge aciditeit, ook wanneer ze langer aan de stok blijft hangen. Dat hoge zuurgehalte is in de eerste plaats eigen aan het ras zelf, dat van nature rijk is aan appelzuur en zijn zuren tijdens de rijping goed weet te behouden. De dikke, harde schil, waaraan de druif haar naam dankt, is bovendien een eigenschap die mee helpt verklaren waarom Durella haar aciditeit zo goed weet vast te houden tijdens de rijping.

Durella in het glas

Dat hoge zuurgehalte proef je ook letterlijk in het glas: een strakke, frisse wijn zonder veel overbodige franjes. In de bubbels komt dat profiel het scherpst naar voren. Jonge wijnen tonen vaak aroma’s van grapefruit en witte bloesem, met een mondgevoel dat slank, energiek en uitgesproken levendig is. De zuren geven de wijn draagkracht en lengte.

Met langere rijping wint Durella duidelijk aan complexiteit. Dan verschuift het profiel van puur citrusgedreven frisheid naar meer gelaagde aroma’s, met florale toetsen, kamille, lichte broodtoetsen, vuursteen, ziltigheid en soms ook een subtiele amandeltoets. Ook de mineraliteit treedt dan duidelijker op de voorgrond. De beste voorbeelden combineren die extra complexiteit met dezelfde strakke ruggengraat die de druif van nature meebrengt.

Ook in stille wijn blijft dat karakter herkenbaar. Durella geeft doorgaans bleek strogele wijnen, vaak met licht groenige reflecties, en een eerder ingetogen aromatisch profiel. Ook daar draait het om frisheid, citrus en spanning. Toch ligt haar sterkste expressie vandaag zonder twijfel bij de schuimwijnen.

Laat je verrassen

Durella is dus nog altijd een relatief onbekende druif. De volgende keer dat je een wijnkaart bekijkt of bij een wijnhandel tussen de flessen snuistert, kijk dan eens of je een Monti Lessini op de kaart of in het schap ziet staan. Laat je dus gerust verleiden om eens een glas Durello te proberen.

Als schuimwijn toont ze zich van haar beste kant. Een brut werkt uitstekend als aperitief, terwijl een extra brut moeiteloos aansluiting vindt bij oesters en andere ziltige gerechten. Enfin, met de veelzijdigheid van deze druif begeleid je moeiteloos een hele maaltijd. Durella bewijst zo dat onbekend in wijn lang niet altijd onbemind hoeft te blijven. Misschien word je ook wel, net als ik, een aanhanger van deze druif.

✨ Nieuw op de Wijnkennis Openflessendag: Giannitessari uit Veneto ✨

📅 Datum: Zondag 23 november 2025
📍 Locatie: Zaal De Vrede, Lichtaartseweg 131, Olen

Voor het eerst te gast op onze Wijnkennis Openflessendag: Giannitessari, een naam die in Veneto synoniem staat voor precisie en terroir. Het huis maakt verfijnde spumanti uit het Lessini-gebergte, levendige Soave-wijnen met expressie en vulkanische mineraliteit, en karaktervolle rode wijnen uit de Colli Berici.

Drie gebieden, drie gezichten, één handschrift: zuiver, energiek en evenwichtig. Giannitessari weet telkens de essentie van zijn terroirs te vatten in wijnen die zowel finesse als diepte tonen.

Te proeven wijnen:
🍾 Alpon Blu Durella Brut – een levendige spumante van 100% Durella met frisse citruszeste, wit fruit en een minerale toets van vulkanische bodem; strak en verfrissend van begin tot einde. Gemaakt volgens de Metodo Martinotti.
🍾 Metodo Classico Brut Monti Lessini DOC – verfijnde spumante van 100% Durella, 36 maanden sur lie gerijpt, met tonen van citrus, groene appel en broodkorst; strak, mineraal en met een lange, droge afdronk.
🍈 Pinot Grigio Delle Venezie DOC – frisse, toegankelijke witte wijn met aroma’s van appel, peer en citrus; levendig en evenwichtig met een zuivere, licht kruidige afdronk.
🍈 Soave DOC – verfijnde blend van Garganega en Trebbiano di Soave, met witte bloemen, perzik en peer; fris en harmonieus met levendige zuren, minerale toets en een subtiel amandelbittertje in de afdronk.
🍈 Soave Scalete Classico DOC – expressieve blend van Garganega en Trebbiano di Soave uit de cru Tenda; verfijnd en mineraal met tonen van witte bloemen, perzik en citrus, een lange, frisse afdronk en een subtiele ziltigheid.
🍈 Soave Perinato Classico DOC – 100% Garganega uit de cru Pigno, deels gerijpt in grote eiken vaten; verfijnd en gelaagd, met aroma’s van witte perzik, citrus en bloesem, een minerale spanning en een lange, frisse afdronk met subtiele ziltige toets.
🍇 Due Rosso Veneto IGT – blend van Merlot en Cabernet Franc, deels van ingedroogde druiven en gerijpt op groot eiken; vol en fluweelzacht met aroma’s van kers, bosvruchten en kruiden, mooi afgerond door rijpe tannine en een harmonieuze structuur.
🍇 Tai Rosso Colli Berici DOC – inheemse druif verwant aan Grenache, afkomstig van vulkanische en kalkrijke bodems; robijnrood en expressief met rood en zwart fruit, zachte tannine, fluwelen textuur en een frisse, rijp-fruitige afdronk.
🍇 Pian Alto Colli Berici DOC – krachtige blend van Cabernet Franc, Cabernet Sauvignon, Carmenère en Merlot; deels ingedroogde druiven en 36 maanden houtlagering zorgen voor diepte, structuur en intensiteit, met zwarte bessen, kruidigheid en een lange, gelaagde afdronk.

Ontdek deze nieuwkomer uit Veneto en laat je meeslepen door de precisie, het karakter en de puurheid waarmee Giannitessari elk terroir tot in het glas weet te vertalen — ze staan zelf achter de tafel om jullie te ontvangen!

Ontdek meer op de webpagina van Wijnkennis

Twee keer nieuwe identiteit in mousserend Italië

Bij het opruimen van mijn bureau kwam ik een vergeten bierviltje tegen waarop ik vlug wat had neergekrabbeld tijdens Vinitaly 2025. Tussen de krabbels stond: “blogje schrijven over Classese en Lessini Durello.” Het viltje was in een verloren stapel terechtgekomen en daardoor uit het oog verloren. Voor ik het definitief in de papiercontainer gooi, voldoe ik bij deze alsnog aan die gedachte van enkele maanden geleden.

In het dynamische landschap van Italiaanse mousserende wijnen zijn recent hervormingen doorgevoerd die zowel helderheid als ambitie uitstralen. Twee herkomstgebieden, Oltrepò Pavese Metodo Classico DOCG en Lessini Durello DOC, ondergaan belangrijke naamswijzigingen en structurele aanpassingen. Die zetten zijn bedoeld om de positionering van hun Metodo Classico- en Metodo Martinotti (Charmat)–wijnen te versterken, zowel op de binnenlandse markt als internationaal.

Van Oltrepò Pavese Metodo Classico DOCG naar Classese DOCG: Een nieuwe identiteit voor traditie

Wat al langer in de lucht hing, is nu officieel: Oltrepò Pavese Metodo Classico DOCG krijgt een nieuwe naam en een eigen gezicht. Classese is de toekomst van mousserende wijn in het zuiden van Lombardije. Klinkt dat als een rebranding? Zeker. Maar het is meer dan een nieuwe naam op het etiket. Het is een bewuste positionering van een regio die haar potentieel volop wil benutten.

Op Vinitaly 2025 gonste het al in de wandelgangen, en nu is het formeel: het Consorzio Vini Oltrepò Pavese heeft Classese niet alleen uitgeroepen tot nieuwe DOCG voor mousserende wijnen op basis van Pinot Nero, het heeft ook zijn hele visuele identiteit eromheen herbouwd. Het nieuwe logo is doordrenkt van symboliek. De vier valleien die van het Apennijnengebergte richting de Via Emilia lopen, de wortels van de wijnstok, het handwerk van de wijnboer en de elegante belletjes van een lang gerijpte fles Metodo Classico: al deze elementen komen samen in een helder, grafisch beeldmerk.

Het is de visuele vertaling van een diepere ambitie: de wedergeboorte van een van de historische wijngebieden van Italië, dat sinds een jaar of anderhalf in een herlanceringsproces zit. De naam “Classese” maakt vanaf nu officieel deel uit van de benaming van het Consorzio zelf. Een duidelijke keuze, die het belang van deze wijnstijl in de regio niet alleen erkent, maar ook bekrachtigt.

De eerste flessen met het collectieve “Classese”-merk worden later dit jaar verwacht op de markt. Ondertussen is de wijziging van het productiereglement (disciplinare) in een vergevorderd stadium: de aanvraag is al gepubliceerd in het officiële bulletin van de regio Lombardije. Zodra het dossier wordt goedgekeurd, is de naamsverandering officieel beklonken.

Het bestaande consorzio-logo blijft nog wel bestaan, maar zal voortaan enkel gebruikt worden voor de DOC-wijnen. Zo ontstaat er een duidelijk tweesporenbeleid, waarin de verschillende gezichten van het Oltrepò-terroir elk hun eigen podium krijgen: stil voor DOC, bruisend en ambitieus voor DOCG.

Het is trouwens niet de eerste keer dat het Oltrepò Pavese consorzio met een naamswijziging afkomt. Herinner je nog Cruasé voor de rosé metodo classico bubbels. Echt dragend is die naam niet geworden en ze is zelfs met een stille dood gestorven. Hopelijk bereikt men met de herbenaming naar Classese wel het beoogde effect. Het bekt in ieder geval al beter dan Oltrepò Pavese Metodo Classico!

Lessini Durello maakt onderscheid tussen Charmat en Metodo Classico

Ook in het noordoosten van Italië waait een vernieuwingswind. De appellatie Lessini Durello DOC heeft sinds kort haar productie opgesplitst in twee duidelijk onderscheiden categorieën, elk met een eigen naam:

  • Lessini Durello DOC: voor mousserende wijnen geproduceerd volgens de Metodo Martinotti/Charmat, waarbij de tweede gisting plaatsvindt in druktanks.
  • Lessini Durello Metodo Classico DOC: exclusief voor wijnen die de traditionele flesvergisting ondergaan.

De stap is een logische erkenning van de stijgande kwaliteit en ambities van de Metodo Classico-producenten in de regio. Hoewel de Durella-druif dezelfde blijft, bekend om haar hoge zuren en uitgesproken mineraliteit, verschilt het karakter van de wijn fundamenteel per methode. De flesgerijpte wijnen zijn complexer, rijper en vaak geschikt voor langere flesrijping, terwijl de Charmat-versies doorgaans fruitiger en frisser zijn.

Door deze formele splitsing worden consumenten en professionals beter geïnformeerd over wat ze kunnen verwachten in het glas. Het is een stap richting transparantie, positionering en kwaliteitssegmentatie.

Conclusie

Zowel Classese als Lessini Durello zetten met hun hervormingen in op herkenbaarheid, kwaliteit en onderscheidend vermogen. Dat is geen overbodige luxe in een landschap waar mousserende wijn steeds vaker moet opboksen tegen gevestigde grootheden. Italië laat zien dat het niet alleen traditie in huis heeft, maar ook de durf om te vernieuwen.

Metodo Classico d’Italia Part 3 – Lessini Durello DOC

Lessini Durello is misschien een verrassende naam in de reeks van belangrijke Italiaanse Metodo Classico wijnen. Tot enkele jaren terug waren de bubbels gemaakt met een tweede gisting op de fles verre van ingeburgerd. De meeste Lessini Durello wijnen werden immers gemaakt volgens de Metodo Martinotti (zoals een Prosecco). Hoewel deze methode vandaag zeker nog gebruikt wordt, stijgt het belang van de Metodo Classico wijnen als een komeet de hoogte in. Voorlopig voor velen nog onbekend maar absoluut de moeite om op ontdekking te gaan naar deze verborgen parel uit de Veneto regio.

De naam: Lessini Durello

De naam Lessini Durello weerspiegelt zijn oorsprong en karakter. “Lessini” verwijst naar de Lessini-bergen, een vulkanische bergketen die de regio voorziet van beeldige landschappen en vruchtbare bodems. “Durello” is afgeleid van de Durella-druif, waarvan de naam afkomstig is van het Italiaanse woord dura (hard). Dit verwijst naar de dikke schil en robuuste zuurgraad van de druif.

De regio: de Lessini-bergen

Het gebied dat onder de Lessini Durello DOC valt, beslaat meer dan 30.000 hectare in de heuvelachtige oostelijke Lessini-bergen en strekt zich uit over de provincies Verona en Vicenza. Dit terrein profiteert van gematigde hoogten, koele briesjes en vulkanische bodems, waardoor het ideaal is voor de productie van mousserende wijnen met een uniek karakter.
De bodems in deze regio zijn matig diep en hebben een fijne textuur. Een basaltisch skelet, schaars aan de oppervlakte maar rijker in de diepte, voegt complexiteit toe aan het terroir. Deze mineraalrijke bodems, in combinatie met een koel klimaat, zorgen voor wijnen met levendigheid en een diepe verbinding met hun oorsprong.

Geschiedenis: van traditie naar sprankelend succes

Ongeveer vijfenveertig miljoen jaar geleden ontstonden de Monti Lessini door opstijgende bellen van magma die het gebied vanuit de diepten van de aarde omhoog tilden. De wijnbouw op de Monti Lessini begon echter pas met de komst van de Romeinen. Hoewel we weinig weten over de eerste druivenrassen die ze verbouwden, verwijst Plinius the Elder in zijn werk De Agricoltura al naar een druif genaamd duràcinus, wat “met een harde schil” betekent. Deze beschrijving legt de basis voor de naam en het karakter van de huidige Durella-druif.

In lokale documenten uit 1292 wordt een druivenvariëteit genoemd als Duràsena, waarvan de huidige Durella waarschijnlijk afstamt. Hoewel de druif oorspronkelijk werd gebruikt voor stille wijnen, maakte de zuurgraad en veerkracht van de druif haar een natuurlijke keuze voor mousserende wijnen.
De introductie van de metodo classico betekende een keerpunt voor Lessini Durello, waardoor producenten wijnen konden maken met een fijne mousse, complexiteit en elegantie. Tegenwoordig is Lessini Durello metodo classico een bewijs van het vermogen van de regio om traditie te combineren met innovatie.

Terroir: divers en rijk aan mineralen

Het terroir van Lessini Durello is een indrukwekkend ecosysteem waarin vulkanische invloeden een sleutelrol spelen. De vulkanische bodems van de Lessini-regio bestaan uit tufsteen en basalt, rijk aan ijzer, magnesium en vele andere micro-elementen. Deze elementen worden via de druiven overgebracht naar de wijn, waardoor deze een karakteristieke minerale ziltigheid krijgt. Dankzij hun porositeit zijn vulkanische gronden in staat om water en zonnewarmte op te slaan en deze langzaam vrij te geven wanneer nodig. Bovendien zijn ze rijk aan voedingsstoffen voor de wijnstok en vormen ze een natuurlijke barrière tegen bodemziekten. Dit betekent dat wijnbouw op vulkanische bodems minder externe interventies vereist, wat de kwaliteit verhoogt en het proces ecologisch duurzamer maakt.

In de Lessini-bergen liggen wijngaarden op hoogtes van 300 tot 600 meter boven zeeniveau, waar de koele temperaturen de zuurgraad van de Durella-druif behouden en het aromatisch potentieel verbeteren. Dit unieke terroir draagt bij aan de productie van mousserende wijnen met mariene en krijtachtige accenten, een kenmerkende geurige aanhoudendheid en een minerale afdronk. De levendige zuurgraad en licht bittere, ziltige nasmaak weerspiegelen verder de vulkanische oorsprong van de regio.

De druif: Durella

De kern van de Lessini Durello Metodo Classico wordt gevormd door de Durella druif, een inheemse variëteit die floreert onder de uitdagende omstandigheden van de regio. Bekend om zijn hoge groeikracht, ziekteresistentie en consistente opbrengsten, is Durella uitermate geschikt voor de productie van mousserende wijn.
De Durella-druiven vormen middelgrote, piramidevormige trossen die compact en gevleugeld zijn. De bessen hebben een dikke, leerachtige en tanninerijke schil, wat bijdraagt aan de structuur en het rijpingspotentieel van de wijn. De natuurlijke hoge zuurgraad maakt Durella bijzonder geschikt voor het metodo classico-proces.

Metodo classico en stijlen van Lessini Durello

Lessini Durello spumante wordt geproduceerd met een blend die minimaal 85% Durella-druiven vereist, aangevuld met optionele toevoegingen van Chardonnay, Garganega, Pinot Bianco en Pinot Nero. De hoge zuurgraad van de Durella-druif maakt deze uitermate geschikt voor mousserende wijnproductie.

Met de recente wijzigingen in de productievoorschriften zijn er nu twee DOC’s gewijd aan de verschillende mousseringsmethoden:

  1. Metodo Martinotti (Prosecco stijl): Dit wordt uitsluitend geproduceerd door hergisting in autoclaven, wat resulteert in een fruitige en geurige stijl die verfrissend en toegankelijk is.
  2. Metodo classico: Dit proces omvat een hergisting in de fles met een minimale rijping van 24 maanden op de droesem, en vanaf 36 maanden mag de wijn de benaming riserva dragen. Deze stijl is meer gestructureerd, romig en complex, met een potentieel om meer dan tien jaar verder te rijpen.

Beide stijlen worden gekenmerkt door een uitgesproken frisheid en een aanhoudende aromatische intensiteit.

Proefprofiel: een sprankelende ontdekking

Lessini Durello metodo classico is een wijn met opmerkelijke zintuiglijke aantrekkingskracht. Hij heeft een diepe strogele kleur met groenige reflecties. De aroma’s worden gekenmerkt door florale tonen van vlierbloesem en meidoorn, versterkt door hints van krijtmergel en jodium.
In de mond is de levendige zuurgraad het opvallendste kenmerk. De ziltige en minerale nuances, vergezeld van een hartige, licht bittere nasmaak, blijven prachtig hangen. Ondanks zijn bescheiden body tilt de persistentie en balans van de wijn hem naar een hoger niveau, wat een unieke ervaring biedt voor liefhebbers van mousserende wijnen.

De Cru’s van Lessini Durello

In navolging van onder andere Soave heeft ook Lessini Durello zijn territorium onderverdeeld en de belangrijkste terroir als een Cru bestempeld. Elke cru draagt bij aan de unieke kenmerken van de Lessini Durello-wijnen. De variatie in bodemsoorten, microklimaten en hoogtes binnen deze cru’s zorgt voor een breed scala aan smaakprofielen en aroma’s. Bijvoorbeeld, de vulkanische bodems in gebieden zoals Calvarina en Monte di Malo geven de wijnen een uitgesproken mineraliteit en frisheid.

De hoge ligging en de grote temperatuurverschillen tussen dag en nacht in deze cru’s dragen bij aan de complexiteit en elegantie van de wijnen. Dit resulteert in sprankelende wijnen met een hoge zuurgraad en een lange levensduur.
Dit zijn de 15 Cru’s die geïdentificeerd zijn voor de Lessini Durello DOC:

  1. Piani
  2. Cattignano
  3. Vestenanova
  4. San Giovanni
  5. Madarosa
  6. Calvarina
  7. Brenton
  8. Duello
  9. Santa Margherita
  10. Agugliana
  11. Chiampo
  12. Arzignano
  13. Trissino
  14. Monte di Malo
  15. Val Leogra

Conclusie

Lessini Durello metodo classico is een sprankelende expressie van Veneto’s vulkanische erfgoed, met een ongeëvenaarde balans van frisheid, complexiteit en mineraliteit. Met zijn strakke structuur, onderscheidende smaken en connectie met het terroir nodigt Lessini Durello wijnliefhebbers uit om de minder bekende schatten van Italiaanse mousserende wijn te ontdekken. Voor wie op zoek is naar iets anders dan Champagne of Franciacorta, is Lessini Durello metodo classico een bruisende reis die de moeite waard is.