Alto Piemonte op zondag: Gattinara DOCG

We hebben de contouren van Alto Piemonte de voorbije drie zondagen voldoende geschetst. Laat ons eens wat meer in detail ontdekken welke appellaties er te vinden zijn en wat er zo specifiek aan is.

Ere wie ere toekomt en dus is de grootste aandacht weggelegd voor Gattinara DOCG. Gattinara ligt ten westen van de Sesia, in de provincie Vercelli. De DOCG beperkt zich volledig tot het grondgebied van de gemeente Gattinara. Met ongeveer 90 tot 100 hectare wijngaarden blijft het naar internationale normen piepklein, maar binnen Alto Piemonte behoort het tot de grotere en belangrijkste appellaties.

Als je Gattinara samen met de andere appellaties bezoekt, merk je ook dat dit het grootste en bedrijvigste dorpje is, want dat is het wel degelijk. Betekent dit ook dat Gattinara de uitstraling heeft van een wijndorpje? Verre van zelfs. Als je de Enoteca Regionale di Gattinara e dell’Alto Piemonte buiten beschouwing laat, zou je misschien zelfs verdwaald raken in je zoektocht naar wijn.

Moeilijk is dat niet, want vandaag wordt Gattinara DOCG door amper een veertiental producenten gemaakt. En ze hebben lang niet allemaal hun domein in Gattinara. Ironisch genoeg zijn in een omgeving als Alto Piemonte veertien producenten zelfs ‘veel’ te noemen. Bij de andere appellaties die we nog gaan bespreken, zal blijken hoe relatief dat begrip hier wel is.

Alles op één heuvel

De wijngaarden van Gattinara liggen opvallend geconcentreerd op één heuvel ten noorden en noordwesten van het dorp. Ze bevinden zich ruwweg tussen 300 en 480 meter hoogte. En met die heuvel komen we terecht bij wat we in het geografieartikel over Alto Piemonte al schreven. Dit is de vulkanische heuvel waarvan de oorsprong teruggaat tot de enorme vulkanische activiteit van ongeveer 280 miljoen jaar geleden.

De wijngaarden liggen er op zeer oude, zure en bijzonder arme bodems die zijn ontstaan uit de verwering van vulkanisch gesteente. Vooral porfier is kenmerkend. Het gesteente bevat veel ijzerhoudende mineralen, wat ook de roodachtige kleur van de bodem mee verklaart. Op verschillende plaatsen ligt het verweerde gesteente gewoon zichtbaar tussen de wijnstokken.

Die bodems bevatten nauwelijks kalk en weinig organisch materiaal. Ze zijn stenig en sterk drainerend, waardoor de wijnstok diep moet wortelen om voldoende water en voedingsstoffen te vinden.

Dat alle wijngaarden op één heuvel liggen, betekent echter niet dat Gattinara één homogeen terroir vormt. De heuvel kent verschillen in hoogte, expositie, hellingsgraad en de mate waarin het vulkanische gesteente is verweerd. Doorheen de geschiedenis kregen verschillende wijngaarden en zones dan ook een eigen naam. Osso San Grato, San Francesco, Molsino, Valferana en Lurghe behoren tot de bekendste.

Ze worden vaak de cru’s van Gattinara genoemd, al zijn het geen officieel afgebakende cru’s of MGA’s zoals we die in Barolo kennen. Verschillende van deze historische wijngaardnamen verschijnen vandaag wel op het etiket van afzonderlijke bottelingen.

Spanna steelt de show

Heel wat Gattinarawijnen die we tegenkomen, zijn monocépages van 100% Nebbiolo, of Spanna zoals hij hier traditioneel wordt genoemd. Nochtans hoeft dit niet zo te zijn, want Nebbiolo moet minstens 90 procent van een Gattinara DOCG uitmaken. Dat wil zeggen dat er een kleine ruimte is voor de andere toegelaten druivenrassen. Vespolina mag maximaal 4% van de assemblage uitmaken en Uva Rara maximaal 10%. Samen mogen ze nooit meer dan 10% vertegenwoordigen. Croatina is niet toegestaan voor een Gattinara DOCG.

Gattinara kreeg zijn DOC in 1967 en promoveerde in 1990 tot DOCG. Daarmee was het de eerste appellatie van Alto Piemonte die de hoogste Italiaanse herkomststatus kreeg.

Een Gattinara DOCG moet minimaal 35 maanden rijpen, waarvan minstens 24 maanden op hout. Voor een Riserva loopt de minimale rijping op tot 47 maanden, waarvan minstens 36 maanden op hout. De druiven voor een Gattinara moeten bij de oogst een minimaal natuurlijk alcoholpotentieel van 12% vol. bereiken. Voor een Riserva ligt dat op 12,5% vol.

Wat krijg je in het glas?

Gattinara behoort binnen Alto Piemonte tot de stevigere en rijpere wijnen. Verwacht daarbij geen donkere krachtpatser. De kleur is vrij transparant robijnrood en evolueert al vrij snel naar granaatrood.

In de neus staat rood fruit vaak centraal, met kers en framboos, aangevuld met rozen, viooltjes, kruiden en geregeld een aardse, rokerige of ijzerachtige toets. Vooral dat laatste wordt nogal eens met Gattinara geassocieerd. Met flesrijping verschuift het fruit meer naar de achtergrond en komen gedroogde bloemen, tabak, leer en aardse aroma’s nadrukkelijker naar voren.

De zuren zijn uitgesproken en de tannine is duidelijk aanwezig. In jonge wijnen kan die combinatie behoorlijk strak overkomen, al is de tannine vaak fijner dan het stevige profiel op het eerste gezicht doet vermoeden. Met enkele jaren flesrijping wordt die tannine zachter en komen fruit, zuren en kruidigheid meer bij elkaar.

De meeste Gattinarawijnen kunnen gemakkelijk enkele tientallen jaren verder ontwikkelen en oude flessen kunnen nog verrassend levendig zijn. Antoniolo heeft doorheen de jaren meermaals oude jaargangen uit de eigen kelders opnieuw op de markt gebracht en daarmee overtuigend aangetoond hoe goed Gattinara kan ouderen.

Zestig hectare in dezelfde handen

Met amper een veertiental producenten is het sowieso een kleine wereld, maar zelfs daarbinnen zijn de verhoudingen opmerkelijk. Travaglini bezit ongeveer 60 van de zowat 100 hectare wijngaard van Gattinara. Eén familie heeft dus meer dan de helft van de appellatie in handen.

Travaglini werd internationaal ook het herkenbaarste gezicht van Gattinara. Het domein kreeg vanaf 1958 onder Giancarlo Travaglini zijn huidige vorm. Uit datzelfde jaar dateert de beroemde asymmetrische fles. Die vreemde vorm is tot onze verbazing een bewuste praktische keuze. De gebogen schouder houdt bij het uitschenken het bezinksel tegen, zodat een oudere Gattinara in principe rechtstreeks uit de fles kan worden geschonken. Het ontwerp schopte het zelfs tot de permanente collectie van het Museum of Modern Art in New York.

De andere historische referentie is Antoniolo, opgericht in 1948. Het domein was een pionier in het afzonderlijk bottelen van wijngaarden binnen Gattinara. Namen als Osso San Grato, San Francesco en Castelle kregen daardoor een eigen plaats op het etiket en hielpen mee om de verschillen tussen individuele wijngaarden zichtbaar te maken.

En dan is er Nervi, dat in 2018 plots opnieuw nadrukkelijk in de internationale belangstelling kwam te staan. Roberto Conterno, van het beroemde Barolohuis Giacomo Conterno, verwierf toen 90% van het historische domein. Dat was een behoorlijk duidelijk signaal. Een van de meest gerespecteerde producenten uit de Langhe zag voldoende potentieel in Gattinara om er zelf zwaar in te investeren.

Samen met onder meer Paride Iaretti, Franchino en enkele andere kleine producenten vormen deze domeinen vandaag een appellatie die numeriek nauwelijks iets voorstelt. Een kleine honderd hectare en een veertiental producenten, meer is Gattinara eigenlijk niet. De reputatie is een stuk groter dan de appellatie zelf.

De toekomst zal uitwijzen of de hernieuwde belangstelling voor Gattinara groot genoeg is om ook nieuwe producenten aan te trekken. Het potentieel is er alleszins!

Reeds verschenen in deze reeks:

  1. Alto Piemonte op zondag: oude wijngaarden, nieuwe aandacht
  2. Alto Piemonte op zondag: vulkanen, Alpen en oude bodems
  3. Alto Piemonte op zondag: de lange weg terug
  4. Alto Piemonte op zondag: Spanna and friends