Giro d’Italia 2026, rit 9: Colli Bolognesi DOC, van Cervia naar Corno alle Scale

In de Giro d’Italia bevinden we ons ondertussen in de buik van Italië, Emilia Romagna. We klimmen gestaag naar een idyllische plek die, hoe vreemd het ook mag klinken, ook een skioord is. Wie had dat in deze regio verwacht? Corno alle Scale is de bestemming die de renners bereiken na een lange rit vanuit Cervia.

De aanloop oogt op papier niet meteen spectaculair. Als renner kan je je onderweg dus nog even tegoed doen aan al het moois dat Emilia Romagna te bieden heeft. Veel tijd om rond te kijken zal er op het einde niet meer zijn, want de apotheose is een klim van meer dan tien kilometer naar de aankomst.

Misschien heb je lange tijd het gevoel dat dit wel eens jouw dag kan worden. Tot die laatste kuitenbijter opdoemt en je alsnog om je moeder roept, omdat de weg net iets gemener omhoogloopt dan je had gehoopt.

Onderweg passeren we door de Colli Bolognesi DOC. Voor wie Emilia Romagna goed kent, is dat misschien niet de meest onbekende appellatie. Voor veel wijnliefhebbers blijft ze toch een vraagteken. Eén ding is alvast duidelijk: we zitten hier rond Bologna, op het punt waar de vlakte langzaam plaatsmaakt voor de heuvels.

Colli Bolognesi DOC

Colli Bolognesi DOC werd officieel erkend in 1975. De appellatie ligt in Emilia Romagna, ten zuiden en zuidwesten van Bologna, waar de vlakte langzaam overgaat in de eerste heuvels richting Apennijnen. De DOC bezit ongeveer 78 hectare aan wijngaarden.

De naam verraadt al dat we ons in de heuvels van Bologna bevinden, met toch ook een klein stukje in de provincie Modena. De DOC omvat onder meer de heuvelachtige zones rond Monteveglio, Castello di Serravalle, Monte San Pietro, Sasso Marconi, Savigno, Marzabotto en Pianoro. Ook delen van Bazzano, Crespellano, Casalecchio di Reno, Bologna, San Lazzaro di Savena, Zola Predosa, Monterenzio en Savignano sul Panaro horen erbij.

Een belangrijk punt blijft de plaats van Pignoletto in dit verhaal. Want wie Colli Bolognesi zegt, denkt vaak meteen aan die druif. Historisch is dat logisch, want de heuvels rond Bologna zijn sterk met Pignoletto verbonden. Juridisch ligt het vandaag anders. Colli Bolognesi Classico Pignoletto werd in 2010 een aparte DOCG. Daarna kregen de Grechetto gentile wijnen die als Pignoletto bekend stonden een eigen appellatie, de Pignoletto DOC.

En dus kreeg Colli Bolognesi DOC een heel ander profiel. Vandaag draait de appellatie vooral rond andere druiven. Voor wit gaat het om Chardonnay, Pinot Bianco, Sauvignon Blanc en Riesling Italico. Voor rood zijn Barbera, Cabernet Sauvignon en Merlot de belangrijkste namen. Daarnaast bestaat er de sottozona Bologna, met Bologna Rosso, Bologna Bianco en Bologna Spumante.

Bodem en klimaat

Het landschap van de Colli Bolognesi vormt een overgangsgebied tussen de brede vlakte rond Bologna en de eerste uitlopers van de Apennijnen. Daardoor krijg je een afwisseling van valleien, ruggen, zachtere hellingen en steilere zones.

De productiezone ligt tussen de Panaro in het westen en de Idice in het oosten. Daartussen spelen ook de Reno, Samoggia en Lavino een duidelijke rol. Die waterlopen lopen vanuit de Apennijnen richting vlakte en snijden het landschap open. Voor de wijnbouw betekent dat variatie in helling, oriëntatie, drainage en temperatuur.

Geologisch is het gebied behoorlijk divers. Je vindt er zones met zandsteen, mergel en conglomeraten, maar ook kleiige heuvels met calanchi, uitgesleten erosiegeulen die het landschap een ruwer karakter geven. Dichter bij de vlakte worden de hellingen zachter, terwijl de rivierafzettingen van de Apennijnse waterlopen op andere plaatsen opnieuw een ander bodembeeld geven.

De bodems variëren van fijne, kleiige structuren met wisselende kalkgehaltes tot meer lemige en kalkrijke bodems. Vooral op de lagere heuvels en op de zachtere hellingen vinden we percelen die goed geschikt zijn voor wijnbouw. De wijngaarden liggen vaak onder de 300 meter, al loopt de zone in bredere zin op tot ongeveer 550 meter.

Het klimaat is droog, zonnig en geventileerd. De gemiddelde neerslag loopt op van ongeveer 800 millimeter aan de hoger gelegen rand van de vlakte tot ongeveer 1.200 millimeter in de hogere heuvelzones. De gemiddelde temperatuur beweegt ruwweg tussen 14 graden in de lagere zones en 12 graden in de hogere delen.

Rode wijnen

Er wordt heel wat rode wijn geproduceerd, met Barbera, Cabernet Sauvignon en Merlot als belangrijkste druivenrassen. Zodra de naam van de druif op het etiket staat, moet de wijn minstens 85 procent van die druif bevatten. De overige 15 procent mag bestaan uit andere toegelaten rode druivenrassen uit Emilia Romagna die niet aromatisch zijn.

Barbera voelt hier het meest vanzelfsprekend aan. De druif past goed bij heuvels, warmte en de keuken van de streek. Een goede Colli Bolognesi Barbera geeft rood fruit, kers, pruim, soms een florale toets en een sappige mond. De zuren zijn duidelijk aanwezig en zorgen voor vaart. De tannine blijft meestal beheerst, wat de wijn bijzonder bruikbaar maakt aan tafel.

Van de wijnen met druifvermelding op het etiket bestaat er enkel voor Barbera een riserva. Die moet minstens 36 maanden rijpen, waarvan minstens vijf maanden op fles, te rekenen vanaf 1 november van het oogstjaar. Voor de gewone Barbera geldt er geen rijpingsverplichting.

Er bestaat ook een Barbera Frizzante. Dat is een wijn met een duidelijk ander profiel, waarin de lichte pareling uitstekend past bij de lokale charcuterie.

Merlot geeft doorgaans rondere en soepelere wijnen. Denk aan pruim, rood en zwart fruit, zachte kruidigheid en een mondgevoel dat minder uitgesproken door zuren wordt gedragen. Cabernet Sauvignon is steviger. Daar kom je sneller bij donker fruit, kruidigheid, wat groenere toetsen en meer tannine.

Binnen de sottozona Bologna bestaat ook Bologna Rosso. Die wijn moet minstens 50 procent Cabernet Sauvignon bevatten. De rest mag worden aangevuld met andere toegelaten rode druiven uit Emilia Romagna. Er is ook een Bologna Rosso Riserva, waarvoor dezelfde minimale rijping van 36 maanden geldt, met minstens vijf maanden flesrijping.

Witte wijnen

Chardonnay, Pinot Bianco, Sauvignon Blanc en Riesling Italico zorgen voor de belangrijkste witte wijnen binnen de DOC. Ook hier geldt dat minstens 85 procent van de vermelde druif aanwezig moet zijn. De resterende 15 procent mag bestaan uit andere toegelaten witte druiven uit Emilia Romagna die niet aromatisch zijn.

Chardonnay levert doorgaans de meest ronde witte wijn van de appellatie. Verwacht appel, peer, geel fruit en soms een iets voller mondgevoel. In eenvoudige versies blijft hij vooral correct en toegankelijk.

Pinot Bianco is discreter. Hij geeft meestal wit fruit, appel, peer en soms een lichte florale toets. Sauvignon Blanc is aromatischer. Hij kan citrus, groene kruiden, kruisbes, gras en soms wat vlierbloesem tonen. Verwacht hier doorgaans geen messcherpe Sauvignon zoals in koelere gebieden. In de Colli Bolognesi wordt hij vaak iets rijper en zachter.

Riesling Italico is de meest bescheiden witte druif in dit rijtje. Daaruit komen meestal droge, frisse en eenvoudige witte wijnen met citrus, appel en zachte florale toetsen.

Binnen de sottozona Bologna bestaat ook Bologna Bianco. Die wijn moet minstens 50 procent Sauvignon Blanc bevatten. Trebbiano mag slechts beperkt worden gebruikt, tot maximaal 15 procent. De rest kan worden aangevuld met andere toegelaten witte druiven.

Spumanti

Afronden doen we in de sottozona Bologna, waar een Spumante wordt gemaakt op basis van minstens 40 procent Chardonnay en of Pinot Bianco. De rest kan bestaan uit Sauvignon Blanc, Riesling Italico, Pinot Nero en Grechetto gentile. Het disciplinare schrijft geen verplichte productiemethode voor, waardoor dit zowel via metodo Martinotti als via metodo classico kan gebeuren, afhankelijk van de keuze van de producent. Deze kiezen meestal voor de metodo Martinotti waar ze op zoek gaan naar het primaire fruit en dus een witte schuimwijn op de markt brengen die fris en toegankelijk is. Je kan deze vinden als extra brut, brut of extra dry.

Nieuwe DOCG toekenningen – Het Italiaanse zomeroffensief

Net wanneer je denkt dat het nu wel een tijdje stil zal blijven slaan ze alweer toe! De top van de Italiaanse herkomstbenamingen kent alweer verdere uitbreidingen. Wie durft er nog te beweren dat hij pertinent zeker is van de huidige DOC of DOCG toekenning in Italië? Ik doe alvast mijn uiterste best, maar ik steek mijn hand niet in het vuur dat bij het schrijven dezer er alweer een nieuwe pikorde heerst. Jawel amper een paar maanden nadat ik op deze blog had bericht van de nieuwste toekenningen – cfr Gelukkig Goed Gek – De nieuwste DOC’G’ toekenningen – is er alweer een kentering. De teller werd officieel op 71 gezet!
Duizelingwekkend snel gaat het daar…

Waar hebben ze hun vreugdedansje zoal mogen uitvoeren?

  1. DOCG Colli di Conegliano (Veneto)
    Onwaarschijnlijk maar waar… Na de drie van vorige keer heeft Veneto alweer 3 extra benoemingen op zak! Veertien zijn er dat ondertussen en we kunnen aan de zijlijn niets anders dan toekijken. Wat moeten ze daar echt fantastisch bezig zijn met wijnbouw!? In ieder geval heeft Conegliano (gelegen in Treviso) zijn 2e DOCG binnen. De Conegliano Valdobbiadene Prosecco was de voorloper. Hier op de heuvels van Conegliano worden witte, rode en zoete wijnen gemaakt. De witte wijn moet gebaseerd zijn op de Incrocio Manzoni (minstens 55%) en meot voor minstens 20% aangevuld worden met Pinot Bianco en/of Chardonnay. Er mag voor maximum 10% aangevuld worden met Sauvignon Blanc en Riesling Renano.
    De rode wijn bestaat voor minstens 50% uit Merlot, 10% Cabernet Sauvignon en 10% Cabernet Franc, Marzemino, Incrocio Manzoni of Refosco dal Peduncolo Rosso. Ze moeten bovendien minstens 12 maand houtlagering hebben gekregen
  2. DOCG Montello Rosso (Veneto)
    Afgescheurd van de Montello e Colli Asolani heeft de Montello Rosso de status van DOCG verkregen. De wijnen van de Montello Rosso worden ginds nogal euforisch vergeleken met deze van de Bordeaux. De druiven van deze Franse regio worden in ieder geval gebruikt om de wijn tot stand te brengen. Merlot, Cabernet Sauvignon, Cabernet Franc en jawel ook Carmenèremogen geblend worden. Of deze wijnen de roem en faam van vb. Bolgheri bereiken kan ik u nog niet vertellen. De inhoud van een Montello Rosso is tot op heden nog niet in mijn glas geraakt. Tijd om daar een keer verandering in te brengen
  3. DOCG Bagnoli Friularo (Veneto)
    Een paar maanden na de Piave Malanotte is dit een nieuwe onderscheiding voor de Raboso druif, meer bepaald voor de Raboso Piave. Het lijkt opnieuw veel weg te hebben van een benoeming om de kerk in het midden te houden! Ik hoop alleszins dat ik fout ben.
    Friularo, zoals de benaming van de DOCG bevat, is de lokale benaming voor de Raboso druif. De naam van de DOCG zou dus evengoed Bagnoli Raboso kunnen zijn. De benaming is een afscheuring van de oude DOC (die trouwens blijft bestaan) Bagnoli di Sopra. Het wijnbouwgebied situeert zich in de omgeving van Padova. Er wordt daar trouwens al eeuwen gewerkt met de Friularo. De druif moet voor minstens 90% aanwezig zijn in de wijn.
  4. DOCG Rosazzo (Friuli)
    Friuli is altijd al een wat miskende regio geweest en heeft na de twee zoete DOCG Picolit en Ramandolo eindelijk een benoeming gekregen voor een stille witte wijn; nl. Rosazzo. Tot voor kort was Rosazzo een subdenominatie van de grote DOC Colli Orientali del Friuli. Deze DOC heeft er trouwens 3 nieuwe subdenominaties bijgekregen. De DOCG Rosazzo is een witte wijn op basis van minstens 50% Friulanodie eventueel aangevuld wordt met Sauvignon Blanc (20 tot 30%), Pinot Bianco en/of Chardonnay (20 tot 30 %) of Ribolla Gialla (tot 10%). De wijngaarden liggen in de provincie Udine.
  5. DOCG Colli Bolognesi Classico Pignoletto (Emilia Romagna)
    Promotie voor de reeds bestaande DOC en voor de Pignoletto druif. Dit in één van de minstzeggende wijngebieden uit Italië Emilia Romagna. Ze hadden er in het verleden reeds een politieke benoeming op zak voor de Albana di Romagna die toendertijd als eerste DOCG voor een witte druif werd aangewezen, bij gebrek aan beters nota bene…
    Toch mogen we niet te snel conclusies trekken. Eerst proeven, dan pas uw gal spuwen zegt een eeuwenoude wijn-wijsheid!
    De Pignoletto druif is een regionale druif uit Emilia Romagna die verwantschap met de Grechetto wordt toegedicht. De druif moet voor 95% deel uit maken van de wijn. Er mag eventueel aangevuld worden met de Pinot Bianco.
  6. DOCG Montecucco Sangiovese (Toscana)
    In l’Altra Toscana werd na de Morellino di Scansano en de Elba Aleatico Passito nu ook de rode Montecucco benoemd tot DOCG. het moet gezegd zijn dat deze benoeming al enige tijd in de lucht hing. Vele kenners schatten de Montecucco wijn trouwens hoger in dan de Morellino di Scansano! Enkel voor de rode wijn en enkel voor Sangiovese (minimum 90%).
    Noteer bovendien dat de Toscaanse Maremma op korte tijd een serieuze opwaardering heeft gekregen. En dit niet geheel ten onrechte trouwens! De Sangiovese variant die gebruikt wordt is de Sangiovese Piccolo.
  7. Frascati Superiore en Cannellino di Frascati(Lazio)
    De omgeving van Rome of de provincie Lazio kreeg er eensklaps 2 DOCG’s bij. Naast de Frascati Superiore kreeg ook de Cannellino di Frascati deze eer toebedeeld.
    Frascati is één van de bekendste namen uit het Italiaanse wijnlandschap. Ze hebben lange tijd (net als oa de Soave) te kampen gehad met een uiterst negatief imago. De laatste jaren werd er echter goed werk geleverd en klom de Frascati langzaam maar zeker uit zijn dal. Vandaag werd dit beloond met twee onderscheidingen. Of dit nu al terecht is zal de kwaliteit van de wijn moeten uitwijzen. Frascati is een assemblage van Trebbiano, Malvasia en Greco, aangevuld met de lokale Bellone en Bombino druiven. Zij geven de wijn een aparte smaak. De wijnen moeten doorgaans jong gedronken worden.
  8. DOCG Castel del Monte Nero di Troia Riserva, Castel del Monte Rosso Riserva en Castel del Monte Bombino Nero (Puglia)
    2011 lijkt wel een boerenjaar voor Puglia. Van nul naar 4 DOCG’s het kan, want nadat al eerder dit jaar de Primitivo di Manduria Dolce Naturale een opwaardering kreeg is het nu aan Castel del Monte om met 3 type van wijnen deze onderscheiding binnen te halen. Puglia is al jaren aan een serieuze opmars bezig. Bovendien kan ik niet anders dan verheugt zijn dat ook de Uva di Troia krijgt wat hij verdient! Voor de Bombino Nero heb ik zo mijn twijfels… misschien ten onrechte omdat ik de druif nog niet echt ten goede heb kunnen proeven.

Was het dit nu voor dit jaar, of komen er in de nabije toekomst nog wijzigingen? De Italiaanse wijnwetgeving blijft wat dat betreft een doolhof…
Een doolhof dat aan betrouwbaarheid zou winnen mocht er ook af en toe eens eentje zijn glorie-status verliezen.
Ondertussen kan ik het jullie niet voldoende vertellen: Vele IGT wijnen zijn een pak beter dan de met pracht en praal verkondigde DOCG wijnen. Remember it…

Tot slot nog de lijst van de druiven die goed zijn voor een DOCG nominering of althans de hoofdruiven:
Albana – Aglianico – Aleatico – Arneis – Barbera – Bombino Nero – Brachetto – Cesanese – Chardonnay – Cortese – Corvina – Dolcetto – Erbaluce – Fiano – Friulano – Garganega – Glera – Greco – Incrozio Manzoni – Malvasia – Merlot – Montepulciano – Moscato – Nebbiolo – Nero d’Avola – Passerina – Pecorino – Picolit – Pignoletto – Pinot Nero – Primitivo – Raboso – Ruché – Sagrantino – Sangiovese – Trebbiano – Uva di Troia – Verdicchio – Verduzzo – Vermentino – Vernaccia